GezondheidTrouw
Naar Bruno Mars met mijn puberzoon: geen oogcontact, weinig vragen en vooral zwijgen over die fantoomcape
ls we naar het stadion rijden, zie ik bij toverslag zijn cape wapperen. Hij was zes toen we voor het eerst samen in de Arena kwamen. In die tijd droeg hij permanent verkleedkleren, het liefst zoveel mogelijk verschillende over elkaar, dus noemde ik hem Batman-hulk-captainamerica-bertvanernie-spiderman. Tijdens de wedstrijd (kansloos verloren van De Graafschap) lette ik meer op zijn koppie dan op de bal. Zijn grimas bij gemiste passes. Zijn open mond toen de F-side haar poëtische lijflied Negentig minuten lang inzette. Zijn snelle schakelen waardoor zijn stemmetje binnen vijf minuten meebrulde: “Gekkenhuis op de tribune, niemand die ons stoppen kan”.
Je gaat naar de website van de uitgever. Hier tonen we alleen een korte intro.