AlgemeenNRC
Dit herontdekte verslag van Rosa de Winter uit Auschwitz-Birkenau is een zwarte parel uit de Shoah-literatuur
Op de Weesperzijde in Amsterdam kwam ik Annet Wendte-Weber tegen. Ze bekende een gedicht te hebben geschreven voor een joodse oud-klasgenoot, wiens ouders door de nazi’s zijn vermoord. Nog diezelfde avond stuurde ze me het toe. Het heette Stenen . En ik las: ‘Drie dobbelsteentjes deelden wij,/ soms zaten wij te keten/ onder de Odyssee waar hij/ zich mee had kunnen meten,/ de enige in onze klas/ die wist wat echte oorlog was.// De stad waar ik al jaren woon/ en waar hij werd geboren,/ waar hij, hun lieve kleine zoon,/ zijn ouders heeft verloren,/ daar is na jarenlange strijd/ nu een gedenkplaats ingewijd.// Ik liep er langs en er omheen,/ het Namenmonument,/ en zag hun naam gegrift in steen,/ ik denk dat het nooit went,/ en heb twee steentjes neergelegd/ voor hen die het liefste werd ontzegd.’
:format(jpeg):fill(f8f8f8,true)/s3/static.nrc.nl/bvhw/wp-content/blogs.dir/114/files/2019/01/krielaars-michel-online-homepage.png)
Je gaat naar de website van de uitgever. Hier tonen we alleen een korte intro.
