WetenschapAstroblogs
Nieuwe natuurkunde in het lokale heelal kan de Hubble spanning niet oplossen
Al ruim zeven jaar is er een debat gaande over de vraag met welke snelheid het heelal uitdijt, een debat onder sterrenkundigen dat bekend staat als de Hubble spanning en dat draait om twee uiteenlopende waarden voor die snelheid, aangegeven met de Hubble constante H0: deze is 73,0 km/s/Mpc als je kijkt naar lokale meetlatten, zoals Cepheïden en type Ia supernovae, lokaal wil zeggen in het huidige heelal. Gebruik je de kosmische microgolf-achtergrondstraling (CMB) en de zogeheten baryonische accoustische oscillaties (BAO’s) om de snelheid te meten dan krijg je H0 ≈ 67,4 km/s/Mpc. Het verschil is inmiddels te groot geworden om verklaard te worden door instrumentele meetfouten, dus is men aan het kijken of het heelalmodel wel klopt, het vigerende ΛCMD model, het model dat uit gaat van het bestaan van donkere energie (Λ) en koude donkere materie (CDM). Er is dus sprake van ‘Nieuwe Natuurkunde’, van BSM, van physics Beyond Standard Model , zoals ze het noemen? Ja dat zou kunnen, maar dan wil je ook graag weten of die natuurkunde al in het vroege heelal plaatsvond, zeg maar in de eerste miljard jaar van het heelal, of in het lokale, huidige heelal, pakweg 13,8 miljard jaar na de oerknal?
Je gaat naar de website van de uitgever. Hier tonen we alleen een korte intro.

