WetenschapAstroblogs
Licht dat van buiten de Melkweg komt is helderder dan gedacht
NASA’s New Horizons ruimteverkenner kennen we allemaal nog goed van de scheervlucht op 14 juli 2015 langs Pluto en Charon en op 1 januari 2019 langs Arrokoth (Ultima Thule, 2014 MU69). Maar de verkenner doet meer dingen. Zo heeft hij recent vele foto’s gemaakt met z’n Long-Range Reconnaissance Imager (LORRI) van de hemelachtergrond, bedoelt om een idee te krijgen hoe groot de zogeheten cosmic optical background (COB) is, het totaal van het licht uitgezonden door sterren buiten de Melkweg over de hele geschiedenis van het universum. Als de COB-helderheid niet gelijk is aan het licht van sterrenstelsels die we kennen, suggereert dit dat er mogelijk bronnen van optisch licht in het universum ontbreken. En dat laatste blijkt inderdaad het geval te zijn: we zien meer licht dan we zouden moeten zien op basis van de populaties van sterrenstelsels waarvan we begrijpen dat ze bestaan en hoeveel licht we schatten dat ze zouden moeten produceren, aldus Teresa Symons (Rochester Institute of Technology), één van de onderzoekers. De waarnemingen bevestigen wat eerder dit jaar door een andere groep sterrenkundigen was waargenomen, dat de COB twee keer zo groot was als men eerst had ingeschat. Dat men de New Horizons nodig heeft om dat achtergrondlicht waar te nemen en het niet vanaf de aarde gebeurt komt omdat het licht vanaf de aarde moeilijk te zien is door het vele stof dat zich in het zonnestelsel bevindt en dat ons zicht op de COB hindert, het stof dat het zodiakale licht vormt (zie de foto hieronder)

Je gaat naar de website van de uitgever. Hier tonen we alleen een korte intro.
.jpg)