BinnenlandVierklank.nl
Op ‘t bankje
Als ik bij het bankje kom zit daar al een ouder echtpaar met een jongetje van een jaar of tien tussen hen in. Ze zitten dicht op elkaar en er is dus genoeg ruimte voor mij om erbij te komen zitten. De man en vrouw groeten vriendelijk en de jongen bladert aandachtig in een boekje. Hij heeft geen oog voor de omgeving. ‘Kijk opa, dit is de Arend, de eerste trein in Nederland en die reed van Amsterdam naar Haarlem’, hoor ik de jongen opeens zeggen. ‘Ja jongen, dat was in 1839 een hele belevenis,’ antwoordt hij. De jongen bladert weer verder en opa vertelt dat ze net naar het spoorwegmuseum geweest zijn en dat ze daar het boekje voor hem gekocht hebben. ‘Ik heb bijna veertig jaar met veel genoegen als machinist bij de spoorwegen gewerkt, dus zal hij de belangstelling voor treinen wel van mij hebben. Lucas is elf en heeft herfstvakantie. Dan logeert hij altijd een paar dagen bij ons. We maken dan altijd een treinreis naar een plaats waar hij nog nooit geweest is en dit keer wilde hij naar het spoorwegmuseum.’ Als Lucas in huis net zo rustig is als hier op het bankje zullen ze weinig last van hem hebben. De oma vertelt dat Lucas hun jongste kleinkind is. ‘We hebben er vier, maar als ze wat ouder worden zie je ze niet zo vaak meer. Lucas wel, die komt in de vakanties graag logeren en omdat onze zoon en zijn vrouw allebei een drukke baan hebben komt het voor hen ook goed uit. Voor ons is het geen probleem, we vinden het iedere keer weer geweldig als hij komt.’ Lucas interesseert het niet zoveel dat er over hem gepraat wordt. Hij heeft alleen maar oog voor het boekje. Opa vindt het enthousiasme van de jongen prachtig. ‘Hij is dol op treinen en omdat we vrij reizen hebben maken we in de vakantie ook altijd een lange treinreis. Daar geniet hij van begin tot eind van. Met de auto ergens heengaan vindt hij maar niets. Wel wat anders dan toen ik jong was. Toen was een autorit juist heel bijzonder. Lucas heeft ook een modelspoor thuis, die mist hij wel een beetje als hij bij ons is, maar daar staat tegenover dat hij met ons een echte treinrit kan maken. Morgen hebben we beloofd weer op pad te gaan. Het kent alle stations uit zijn hoofd.’ De jongen heeft alweer wat nieuws in het boekje ontdekt. ‘Opa, wist u dat Valkenburg het oudste station van Nederland is? Zullen we daar morgen naartoe gaan?’ Opa en oma moeten lachen om de spontaniteit van Lucas. ‘Weet je dat dat helemaal in Limburg is, dan zijn we wel een paar uur onderweg.’ Voor Lucas is dat geen enkel bezwaar en ook opa en oma lijken het prima te vinden. ‘Dan moet je morgen wel vroeg op jongeman’, zegt oma. ‘Hij houdt er namelijk van om lekker uit te slapen in de vakantie’, zegt ze tegen mij. Lucas hoort het niet eens. Hij is de route al aan het uitstippelen. ‘Dan gaan we weer door die tunnel bij Best en komen we langs Eindhoven. Daar zijn we vorig jaar geweest en dan zien we ook weer het PSV-stadion.’ Ik ben benieuwd wat de jongen later wil worden. Als ik het hem vraag ben wat teleurgesteld omdat het helemaal niets met treinen te maken heeft. ‘Dierenarts’, zegt hij resoluut. ‘Ik mag geen hond van m’n vader en moeder, maar als je dierenarts bent ga je er iedere dag mee om en dat lijkt me leuk.’
Je gaat naar de website van de uitgever. Hier tonen we alleen een korte intro.
