Binnenlandlexology.com
Jurisprudentie Alarm: Didam en indeplaatsstelling huurder
De gemeente Soest verhuurt een horecagelegenheid met terras aan eiseres. Eiseres wenst het in het gehuurde uitgeoefende bedrijf te verkopen om in de oudedagsvoorziening te voorzien. De gemeente reageert negatief op een uitkoopvoorstel door eiseres. Eiseres vindt vervolgens een kandidaat die haar bedrijf wil overnemen. De voorwaarde voor bedrijfsovername is dat het overnemende horecabedrijf de positie van huurder kan innemen ten opzichte van de gemeente als verhuurder. Eiseres richt een verzoek tot indeplaatsstelling aan het college van B&W van de gemeente. De gemeente wijst dit verzoek af omdat volgens de gemeente overdracht van de huurovereenkomst niet is toegestaan op grond van het Didam I-arrest. Volgens het college moet mededingingsruimte worden geboden door middel van een selectieprocedure zodat (potentiële) gegadigden de kans krijgen in aanmerking te komen voor overname van het huurcontract. Eiseres stelt zich op het standpunt dat de regels van het Didam I-arrest niet van toepassing zijn en vordert bij de rechter indeplaatsstelling op grond van artikel 7:307 BW. De rechtbank Midden-Nederland buigt zich over de vraag of de regels van het Didam I-arrest van toepassing zijn op het geval een huurder op grond van artikel 7:307 BW het door haar in het gehuurde uitgeoefende bedrijf, aan een derde wenst over te dragen en deze derde in haar plaats wil stellen als huurder.

Je gaat naar de website van de uitgever. Hier tonen we alleen een korte intro.


