AlgemeenNRC
‘Praten met familieleden kilometers verderop? Olifanten kunnen het’
Een mannelijke koala die een diepe brul laat horen, alsof hij reusachtig groot is. Of een tjilpende cheeta, die klinkt als een onschuldige vogel in plaats van een gevaarlijke katachtige. Het geluidenrepertoire van dieren is veel groter dan we doorgaans denken. Deels komt dat doordat de bioakoestiek, het vakgebied dat diergeluiden onderzoekt, volop in ontwikkeling is: nog altijd worden nieuwe meetinstrumenten en onderzoeksmethodes ontwikkeld. Maar er is nóg een reden, benadrukt de Oostenrijkse diergedragsbioloog Angela Stöger (1976), gespecialiseerd in bioakoestiek. „We zijn simpelweg niet gewend om echt te luisteren naar de natuur. Vaak beschouwen we dierengeluiden als achtergrondmuziek in plaats van als vorm van communicatie. Zeker als het geluiden betreft die we niet goed kennen.”
/s3/static.nrc.nl/bvhw/files/2022/12/data95041685-7e3dcb.jpg)
Je gaat naar de website van de uitgever. Hier tonen we alleen een korte intro.