AlgemeenNRC
Het debat verwordt tot een zich eindeloos bevestigend ‘zie je wel’
Een veelschrijvende, doorgaans zeer kritische lezer tapte vorig weekend plots uit een ander vaatje: „Slechts loftuiting en -zwaaien voor dit artikel! De ombudsman/vrouw hoeft en mag toch niet alleen klachten en kritiek ontvangen?” Een ander schreef een vergelijkbaar compliment. Het zal een tegenreactie zijn geweest, want juist in het Pinksterweekeinde lagen de artikelen over Ronald Plasterk waar de lezers op doelden onder vuur, al vloog die kritiek vaak hoog over wat er door NRC was gepubliceerd. Een reeks rechtse politici hekelde de jacht die volgens hen op Plasterk werd gemaakt. Vaak gebeurde dat zonder NRC expliciet te noemen, al was de implicatie helder: het was immers NRC dat onthulde hoe Plasterk rijk werd op basis van een patent dat leunde op het werk van wetenschapper Jan Koster van het Amsterdam UMC. En ook hoe het Amsterdam UMC inmiddels onderzoek doet naar hoe dit heeft kunnen misgaan. Andere media berichtten aanvankelijk mondjesmaat of niet over die onthullingen (van 23 maart en 6 mei) tot vorige week bleek dat ze in elk geval voor Pieter Omtzigt een probleem waren bij een eventuele voordracht van Plasterk als premier. Wie NRC wel expliciet noemde, was Telegraaf -columnist Wouter de Winther, die schreef over een „in het hoofdcommentaar gelanceerde campagnekoers van NRC ”.
:format(jpeg):fill(f8f8f8,true)/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2022/12/ombudsman-square.png)
Je gaat naar de website van de uitgever. Hier tonen we alleen een korte intro.

