AlgemeenNRC
Flamencodanser Manuel Liñán: ‘Dansen in drag heeft niets ironisch’
Zijn eerste rolmodellen vond Manuel Liñán (43) dicht bij huis: de buurvrouw in zijn geboorteplaats Granada, die zich altijd mooi opmaakte en haar nagels deed. „Dat wilde ik ook!” Daarna waren het klas- en studiegenoten, pas later grote flamencosterren. Maar voor wat hij het liefste wilde, bestonden geen voorbeelden. Hij was – zo zegt Liñán via een videoverbinding – de eerste flamencodanser die serieus optrad in de traditionele uitrusting van de bailaora (de flamencodanseres). Niet alleen de welbekende noppenrobe, maar ook de jurk met de bata de cola , de lange sleep die hij net als de mantón (omslagdoek) kunstig leerde manoeuvreren. Zonder knipoog, camp of ironie, hooguit wat lichte speelsheid – wat dat betreft is er nadrukkelijk géén overeenkomst met de Trocks, de Amerikaanse drag-ballerina’s die in tutu’s en op ruim bemeten spitzen over het toneel trippelen.
/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data108850211-24b32e.jpg)
Je gaat naar de website van de uitgever. Hier tonen we alleen een korte intro.

