AlgemeenNRC
De tovenaarsworkshop
Tien jaar geleden was het Koto Museum het eerste museum dat ik bezocht in Paramaribo waarvan ik niet onmiddellijk al mijn geloof in de mensheid verloor. Ik was 31 en voor het eerst in mijn leven in het land waar de helft van mijn voorouders werd geboren. Ik hoopte daar uit te vogelen hoe die voorouders erin waren geslaagd mij dit leven door te geven, ondanks alle gruwelen die ze hadden moeten doorstaan. Maar in alle musea en archieven die ik bezocht, stuitte ik op een muur van duisternis. Ik vond slavenhalsbanden, martelwerktuigen en geweren, lijstjes en afschriften waarin mensen als mijn voorouders slechts nummertjes waren, en las talloze boekjes waarin Nederlandse, Engelse en Duitse missionarissen en plantage-eigenaren die voorouders beschreven als het laagste, domste, kwaadaardigste soort mens dat er bestaat; net iets minder dan een mens, een ‘slaaf’. Alles bij elkaar gaf het vooral een goed beeld van hoe misdadig Europeanen zich in Suriname hadden gedragen, maar hoe Surinamers al dit geweld hadden overleefd, en met welke krachten, dat werd nergens verteld. Tot ik op een middag het Koto Museum binnenstapte.
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2025/04/27192538/data130626980-073157.jpg)
Je gaat naar de website van de uitgever. Hier tonen we alleen een korte intro.
:format(jpeg):fill(f8f8f8,true)/s3/static.nrc.nl/bvhw/wp-content/blogs.dir/114/files/2020/10/sanders-stephan-2020-09-2b-instagram.png)

