AlgemeenNRC
De sterren als bondgenoot in een kille en vaak beangstigende wereld
De beroemdste astroloog uit de Nederlandse literatuur is een onooglijk mannetje. Hij heeft een kromme rug, ruikt als een kadaver, en iedereen die hem ziet krijgt een afwerende blik in de ogen. Hoewel hij afzichtelijk is, deze astroloog uit De wetten, de debuutroman van Connie Palmen uit 1991, palmt hij de verteller meteen in. De astroloog weet de persoonlijkheid van deze student in één oogopslag te duiden. „Boogschutter, Schorpioen”, is het eerste wat hij tegen haar zegt. En: „Je bent een filosofische hoerenengel.” De verteller is verrukt. „Zijn opmerkingen hielden een belofte in, een verhaal over mijzelf”, schrijft ze, al was dat verhaal, gelardeerd met „afflicties en sextielen en conjuncties van het dalende teken op de trichonen van het eerste huis” enzovoorts, „voor tachtig procent onbegrijpelijk”. Maakt niet uit: ze hunkert naar waarheid en vooral naar zelfkennis, precies wat haar horoscoop haar belooft te bieden.
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/10/29104800/291026BOE_2037834017_WEB_HP_ILLU_Literaire-astrologie_Frann-de-Bruin.jpg)
Je gaat naar de website van de uitgever. Hier tonen we alleen een korte intro.