AlgemeenNRC
Bij Jacques Tati barst iedereen op een ander moment in schaterlachen uit
Het duurt wel tien minuten voordat Jacques Tati’s alter-ego Mr. Hulot zijn opwachting maakt in Playtime (1967). We zijn in de aankomsthal van een vliegveld en je kijkt je ogen uit. Twee nonnen die langswandelen met klapperende kapjes. Stewardessen die roerloos uit het raam staan te staren. Ze lijken wel van hout, totdat ze even bewegen. Maar halverwege de scène heeft Tati ze, zoals hij later vertelde, inderdaad door gefiguurzaagde poppen vervangen. Een schoonmaker die leep om zich heen spiedt of iemand ziet dat hij helemáál niet aan het vegen is. Maar dat is ook helemaal niet nodig, want alles glanst en glimt en is één grote lachspiegel voor het effect van automatisering op menselijk gedrag. Playtime is Tati’s variatie op het satirische Modern Times (1936), waarin Charlie Chaplin de ontmenselijking van doorgeslagen technologie al op de hak nam.
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/07/20163011/210726CUL_2035248154_-tati-extra.jpg)
Je gaat naar de website van de uitgever. Hier tonen we alleen een korte intro.


